Wanneer Henri-Joseph Stier zich definitief op het kasteel De Mik vestigt vergroot hij het
domein tot 159 ha, wordt geadeld in 1816 en overlijdt op 22 juni 1821. Buiten zijn financiële
en economische activiteiten heeft hij een grote invloed gehad op de aanleg van de parken in
de omringende domeinen en dus ook op het uitzicht van de streek. Als allereerste liet hij
uitheemse jonge planten en boompjes aanvoeren uit Amerika om die in de Mik te planten. De
Amerikaanse eik, diverse ceders en pijnbomen deden hun intrede. Het waardevolle arboretum
van De Mik vindt daar zijn oorsprong. Na het overlijden van haar vader verwerft Isabelle uit
de omvangrijke erfenis het kasteel en park De Mik. Isabelle overlijdt evenwel kort na haar
vader in 1822. Haar man, Jean Michel van Havre, laat dan ingrijpende werken in het domein
uitvoeren. Een grote vijver wordt uitgegraven, grasvelden en doorzichten aangelegd, de
gekende torenpoort gebouwd. Deze poort met ophaalbrug is een kopie van een stadspoort uit
de Franse stad Bourges. Jean Michel van Havre overlijdt in 1844.
De verkoop van 1949 heeft voor het personeel wel belangrijke gevolgen. In de oorlogsjaren
was het aantal reeds verminderd en het is duidelijk dat, door de verdeling van De Mik, de
meeste functies of het gelegenheidswerk overbodig zijn geworden. Voerman Frans
Baelemans, den Door in de volksmond, en zijn vrouw kunnen blijven wonen, zij het in de
torenpoort, eigendom van de gemeente. Daar zullen zij nog verblijven tot in 1981, wanneer
Frans overlijdt en Angeline een onderkomen vindt in een bejaardenhuis.
Bij Koninklijk Besluit van 20 november 1981 wordt de torenpoort als monument beschermd.
Het gebied met alle gebouwen omgeven door de hofgracht, wordt als dorpsgezicht
beschermd. Dus ook kasteel, remise, orangerie en de Engelse tuin in privé bezit.
De Mik is verder een zeer waardevol arboretum. De aanleg daarvan was in feite reeds
begonnen met Jean-Michel van Havre, de schoonzoon van Hemi Joseph Stier d' Aertselaer,
die met de familie de overtocht naar Amerika in 1794 gemaakt had. Vanuit de ‘nieuwe
wereld’ brachten zij allerlei zaden en jonge plantjes mee. Daarna volgden nog honderden
exemplaren. Toen nog ongekend in Europa, werden ze in De Mik geplant. Amerikaanse eik,
moereik, wilgbladeik, zilverlinde en amberboom, pijnbomen, ceders en epicea's, sequoia's,
hemelbomen en tulpenbomen, en dan nog vele struikgewassen... Na 1949 heeft het
gemeentebestuur ook de zorg voor dit enig arboretum op zich genomen. Daardoor kan zowel de natuurlijke als educatieve waarde ervan behouden blijven. Domein De Mik is een prachtig
recreatiegebied. Toerisme Brasschaat werkte rond deze mysterieuze Torenpoort, een attractieve sprookjeswandeling
uit, waarbij de vijver, het bos, het kasteel ook een belangrijk element
vormen. Volgens de eeuwenoude traditie van de Sprooksprekers vertellen Sprookjesvertelsters en -vertellers tijdens een wandeling rond de vijver over de avonturen
van Domien, die van de baron hout mocht sprokkelen in de bossen. Momenteel zijn er ook plannen vanuit Toerisme Brasschaat om de linkerzijde van de Torenpoort aan te passen en in gebruik te nemen.
Uit Leven in Maria-ter-Heide, 2002, Frans Bellens, Archief Breesgata vzw.
Bewerking beknopte geschiedenis: Willy Cornelissens.



